Interview SolarMagzine

5 maart 2026
Herijking van zonnepanelenbeleid woningcorporaties; hoe moet het verder?
Interview met Sander van der Laan en Maarten Corpeleijn.

Hero afbeelding

Ook in het segment van sociale huurwoningen wordt de neerval van de zonnepaneelmarkt gevoeld. Hoe kijken Sander van der Laan, CEO van Norm, en Maarten Corpeleijn, zelfstandig adviseur voor woningcorporaties, hiernaar? Wat betekent dit voor de uitrol van pv bij woningcorporaties, de verduurzaming van hun woningen in het algemeen en niet te vergeten hun huurders?

Stilstand is een te groot woord, zegt Sander van der Laan wanneer hij gevraagd wordt naar de uitrol van zonnepanelen bij woningcorporaties. Ook Norm - de grootste partij in dit marktsegment - ziet dat het tempo lager ligt dan een paar jaar geleden.

Niet zo slecht

‘De terugval van de zonnepanelenmarkt sinds 2023 raakt uiteraard ook woningcorporaties’, aldus Van der Laan. ‘Maar bij corporaties verloopt dat in een ander tempo dan bij woningbezitters. Zij maken hun keuzes vanuit een langetermijnstrategie, anders dan consumenten. Keuzes worden goed overwogen. Daarnaast lopen projecten langere tijd. In 2024 was er nauwelijks verschil met de jaren daarvoor. Het tempo lag nog steeds hoog. In 2025 liep ons werk 30 tot 35 procent terug. Dat hangt vooral samen een daling van de huurdersparticipatie van 80 naar 45-50 procent. In vergelijking met de bredere consumentenmarkt is dat nog altijd een relatief stabiel niveau. Wat ons helpt, is onze brede aanpak. Naast installatie richten wij ons ook op monitoring en onderhoud van systemen. Daarnaast zijn we al in 2024 gestart met verbreding naar warmtepompen en thuisbatterijen.’

Pas op de plaats

Maarten Corpeleijn, onder meer bekend van Zonnig Huren dat onafhankelijk adviseert bij realisatie van zonnepanelen op corporatiewoningen, heeft een negatiever beeld van de pv‑markt in de sociale huursector. Bij hem kloppen dan ook vooral de corporaties aan die met hun handen in het haar zitten, vertelt hij. ‘De bereidwilligheid van deelname aan projecten bij huurders is danig afgenomen’, vertelt hij. ‘Waar eerder met gemak 70 procent werd gehaald, is dat nu vaak nog maar 30 procent of minder. Dat komt uiteraard door de terugleverkosten die energieleveranciers in rekening brengen en het afschaffen van saldering vanaf 2027, maar vooral ook doordat de negatieve koppen in diverse media worden geloofd. Dat maakt dat veel woningcorporaties nu een pas op de plaats maken aangaande pv, en pas weer aanbieden als er duidelijkheid is vanuit Den Haag.’

Ingrijpende maatregel

Van der Laan sluit bij Corpeleijn aan en spreekt over een herijking van woningcorporaties, en wijst op hun bredere opdracht rond verduurzaming. Zo moeten ze volgens de Nationale Prestatieafspraken alle sociale huurwoningen met energielabels E, F en G  vóór het einde van 2028 uitfaseren. Dat betekent in veel gevallen starten met isolatie, een belangrijke stap in de verduurzaming van het bezit. Veel corporaties zetten die stap terwijl de kosten voor bedrijfsvoering en onderhoud oplopen. Toch blijven zij investeren in hun woningen en huurders. Daarnaast ligt er veel focus op nieuwbouw.

Energiearmoede

‘Er wordt dus kritisch naar de uitgaven gekeken’, aldus Van der Laan. ‘Dat is begrijpelijk in deze tijd. Sommige woningcorporaties kiezen ervoor om zonnepaneelprojecten in de wacht te zetten, terwijl andere juist doorgaan met lopende of nieuwe projecten. Daarbij staat voor veel corporaties één doel centraal: het terugdringen van energiearmoede onder hun huurders. Met het einde van saldering in zicht onderzoeken steeds meer partijen daarnaast hoe oplossingen zoals thuisbatterijen kunnen bijdragen aan een beter rendement voor huurders.’

Politieke beloftes

Met welke vragen kloppen woningcorporaties aan bij Corpeleijn? Die gaan veelal over het verdienmodel voor huurders in het post‑salderingstijdperk. De centrale vraag is of de gevraagde bijdrage nog reëel is. Die loopt uiteen per woningcorporatie, van niets tot 1,5 euro tot 3,8 euro per zonnepaneel per maand. Wat is redelijk? Wat is er in het verleden beloofd? Moet en zo ja, kan die omlaag? Corpeleijn rekent met corporaties aan scenario’s op basis van politieke ontwikkelingen en marktontwikkelingen, en helpt bij het maken van keuzes.

2,20 tot 4,20 euro

‘In het worstcasescenario blijven de terugleverheffingen en is teruggeleverde stroom per saldo nagenoeg waardeloos’, vertelt Corpeleijn. ‘In het beste geval stijgen de stroomtarieven weer - niet goed voor de huurder, maar de besparing door zonnepanelen neemt toe.’ Onder meer uitgaande van 28 tot 35 procent zelfverbruik van zonnestroom en diverse andere aannames, bijvoorbeeld aangaande stroomprijzen en injectievergoedingen, komt hij uit op 2,20 tot 4,20 euro besparing per zonnepaneel, afhankelijk van het vermogen van de panelen en de ontwikkelingen in regelgeving en markt.

Kleinere setjes

Corpeleijn: ‘Zonnepanelen zullen voor de meeste huurders dus voordeel blijven opleveren. Maar de spoeling wordt wel dunner. Nog een trend is het plaatsen van kleine setjes, van 4 zonnepanelen bijvoorbeeld, met als doel dat een groter deel van de stroom zelf wordt gebruikt. Maar die zijn relatief duur, de kosten per zonnepaneel zijn hoger.’

 

En wat betreft het verdienmodel van thuisbatterijen voor de corporatiesector is Corpeleijn helder. Dat is er niet. Huurders kunnen met een accu hun zelfverbruik misschien met 1.000 kilowattuur verhogen en zo’n 200 euro per jaar verdienen. Stel dat de corporatie daar de helft van vraagt, dus 100 euro per jaar. Bij een investering van zo’n 2.000 euro, plus onderhoudskosten, kan dat gewoon niet uit. Accu’s zijn vast nuttig in andere segmenten met grote verbruiken in de avond en nacht, en veel opwekking overdag, maar niet bij deze kleine installaties.’

Begrip en gemak

Wat verwacht Van der Laan van de uitrol van zonnepanelen bij woningcorporaties? ‘Hun verduurzamingsopgave is helder: CO2‑neutraliteit in 2050. Dat vraagt om opwek van groene energie, en dus om zonnepanelen. De uitrol stopt dan ook niet. Na de sterke groei in de periode van hoge elektriciteitsprijzen, onder andere door de inval van Rusland in Oekraïne, is het tempo nu rustiger. Dat past bij een markt die zich opnieuw uitlijnt. De energietransitie gaat onverminderd door, ook met warmtepompen en batterijen. Voor batterijen zien wij, afhankelijk van verbruik en opwek, zeker kansen binnen de corporatiesector, door o.a. scherpe inkoop. Het speelveld wordt complexer, maar dat biedt ook ruimte voor innovatie. Dat vraagt van onze sector dat we het eenvoudig en begrijpelijk maken voor corporaties en huurders, en samen zoeken naar manieren om kosten in de keten verder te verlagen. Woningcorporaties, bedrijven zoals Norm, toeleveranciers en installateurs hebben elkaar daarin nodig.’

Charmant

Corpeleijn wijst in dit verband tevens op de overheid, het nieuwe kabinet. Wat Den Haag ook gaat doen, duidelijkheid is noodzaak. Hij wijst daarbij onder andere op eerder door de Tweede Kamer gesteunde moties aangaande redelijke terugleververgoedingen voor zonnestroom en het stoppen van terugleverheffingen door energieleveranciers na beëindiging van saldering. ‘Het is hoog tijd om deze zaken nu echt te regelen, zodat iedereen weet waar die aan toe is. En het zou heel charmant zijn als er een specifieke regeling komt voor huurders van nul-op-de-meterwoningen die heel veel stroom in het net injecteren en als gevolg daarvan nu behoorlijk wat financiële pijn voelen.’

Bron: SolarMagazine 

Ontdek hoe we woningcorporaties ondersteunen